Los bericht bekijken
  #9  
Oud 24 juli 2006, 13:54
Darluz Darluz is offline
Seniorlid
 
Geregistreerd: 1 juni 2006
Berichten: 40
Darluz is on a distinguished road
Standaard Wat je test, ben je zelf

Dag allemaal!

Afgelopen vrijdag ben ik naar Amsterdam gegaan om een aantal testen te maken (bij Hudson). Dit om inzicht te krijgen in mijn capaciteiten en psychologische denkwijze. Spoor ik wel of spoor ik niet? En wat kan mijn trein eigenlijk voor een kunstjes? De machinist, de conducteur, de bielzen en de treinreizigers meegerekend. Dit allemaal onder druk van een tijdsbalk, die naarmate de tijd wegtikt, van kleur verandert. Nu ben ik bijzonder kleurgevoelig, dus mijn hart klopt overeenkomstig het kleurtje mee: van aangenaam klassiek (geel) naar opzwepende djembé (rood). Tussenin waarschuwt oranje, dat het tijd wordt om de strijkers te dumpen en de hardcore roffeltrommels in te zetten. Bij rood waan ik me op het Festival Mundial, en doe ik overal tegelijk aan mee: Tribal Dance en nergens meer een machinist te bekennen. Volgens mij kom ik niet goed uit de verf in testen. Ik houd meer van krijten op straat, dat is tijdloos en echt.

De omstandigheden van testen maken dat ik het gevoel van vrijheid en ruimte verlies, beide zeer belangrijk voor mij en mijn denken. De tijdsgrenzen ervaar ik als creatieve keeldichtknijping, een Chicken Tonight die de inspiratie smoort. De motor slaat af, de drive is weg. Innerlijke context en bezieling die mij normaal triggeren om te presteren, ontbreekt in testen. Ik mis de betrokkenheid bij de opdrachten die ik krijg. Ik lees ze wel, maar ik vóel ze niet. Ik voel dat ze ‘niet echt’ zijn, van buitenaf opgelegd, niet van binnen ervaren, en dat ze uitsluitend het doel dienen van een beoordeling. Een beoordeling in tijd. Ik ben dan geneigd te staren naar de tijd die hypnotisch voorbijtikt. Moet mezelf echt bij de les houden.
Daarbij hielp het denk ik niet dat mijn trein na de eerste test al een muisarm kreeg. Ook hielp het niet dat de machinist te veel dacht aan alle mogelijkheden van denken en hierbij het spoor soms bijster dacht. Tot overmaat van ramp bleek de conducteur niet bepaald handig in de weer met kladpapier, rekenmachine en ruimte op de bureaudesk. Al met al, niet zo gek dat de treinreizigers een beetje beerachtige trekken gingen vertonen, met grommende commentaren en tijdloos gezucht.

De eerste test was een psychologische test waarin je stellingen moet graderen naarmate de inhoud voor jou wel of niet en in meer of mindere mate van toepassing is. Het is een kwestie van naar binnen gaan, eerlijk zijn, contact met jezelf maken en gelukkig kan ik dat. Van alle testen voelde deze test dan ook het meest natuurlijk, ongedwongen, inspannend maar toch vanzelf.

Van alle testen viel de test erna mij het meest tegen. Ik moest vragen beantwoorden n.a.v. korte stukjes tekst. Mijn interpretatievermogen stond dit keer centraal. Dit bleek voor mij onverwacht lastig. Ik voelde nu pas het volle hoofd van woorden en stellingen uit de test daarvoor. Had nog even geen zin in nieuwe woorden en kon geen ingang vinden naar deze test, laat staan verdieping of interpretatie. Het leek alsof mijn hoofd nog aan het na(ver)werken was terwijl ik juist ditzelfde stukje hersenen nodig had/wilde gebruiken voor deze nieuwe test. Misschien had ik er beter aan gedaan langer te pauzeren tussen de 1e en de 2e test, en even naar buiten was gegaan om mijn hoofd leeg te maken.

De vragen n.a.v. de tekstjes vroegen mij strict bij de woorden te blijven, en dit vergde veel inspanning. Ik merkte hoe ik me eerst over mijn aanvankelijke weerstand (het woordelijk geweld) heen moest zetten, en vervolgens om zo dicht mogelijk bij de tekst te blijven veel innerlijk opwellende tussengedachten, perspectieven, vragen en intuďtieve gevoelens de kop in moest drukken. Dit deed ik door de tekst herhaaldelijk te lezen, om zo mezelf te controleren en bij de les te houden. Daarna was er ruimte voor interpretatie.

Gaar als een kerstkalkoen begon ik aan de derde test. Ook nu vergat ik weer pauze te nemen. De nieuwsgierigheid naar het nieuwe won het van de gaarheid.
Dit keer ging het om mijn schematisch en rekenkundig denkvermogen. Wat me bij deze test wederom een beetje tegenzat was de snelle switch van de vorige test naar deze test (de vorige test voelde en dacht nog na). Toch had ik er minder last van, alsof dit keer een ander stukje hersenen vereist was, waardoor de vorige test in een ander hersendeel rustig aan het verwerken en na-ebben kon gaan, en tot rust kwam. De grafieken en tabellen sloegen me aanvankelijk een beetje om de oren. Maar al gauw legde ik de link naar Wiskunde A, een vak dat ik vroeger op school vreselijk leuk vond en goed in was (zelfs bijles in gaf). Een oud positief gevoel kwam boven. De informatie die ik dit keer moest interpreteren was teruggebracht naar schematische weergave, cijfermatig, zielloos zonder verhaal, een geraamte. Het ‘beest’ kun je zelf raden door de tabellen en gafieken om te zetten naar beeld en verhaal, naar vlees en bloed. Dan gaat het leven, en vind ik het leuk. De ziel ontmaskeren geeft bezieling. Het interpreteren viel me dit keer niet lastig, maar het was wat taai. En het beest was saai, cijfermatig. Geen instinct.

De belemmering die ik voelde, was dit keer meer praktisch. De ruimte om met de rekenmachine en kladpapier aan de gang te gaan, was voor mij niet handig. De vierkante desk waaraan je zit, wordt vrijwel volledig bezet door computer, toetsenbord, muis en mat, en een XL-rekenbak (handig als je voor cassičre oefent, maar nu even niet). Dit laat links en rechts weinig ruimte om op comfortabele manier aan het kladrekenen te slaan. Ik heb de helft van de tijd het kladpapier op schoot genomen, wat niet prettig werkt omdat je ook je scherm nodig hebt voor gegevens, en niet lekker schrijft (vermenigvuldig factor tijd met factor schoot en het product is onleesbaar). Toch is dit kladwerken voor mij erg belangrijk, zo orden ik gegevens en kom ik tot een formule.
Deze tussenstap is voor mij cruciaal om me niet te verliezen in overtollige informatie in een volgestauwd schema, eindeloze grafiek of overkill aan cijfers. Focus dus en concentratie. Ik voelde me dus niet alleen in mijn ruimte geremd, maar vooral in mijn werkwijze. Dit irriteerde een beetje, ik schoot niet op.
Tijdens de test vroeg ik me af waarom in deze test alleen om een antwoord werd gevraagd. Waarom er niet werd gevraagd om de stappen in je berekening te laten zien. Bij Wiskunde A herinner ik me dat het antwoord zelf het minst aantal punten opleverde, de goede stappen in je berekening daarmee kon je scoren. Factor gokken en factor rekenbak-kuren minimaliseren in de beoordeling.

De laatste test was ontzettend leuk om te doen! Ik vergat de vorige test compleet, geen naweeën dit keer. Ik zat met mijn volle aandacht in deze test, al was ik wat vermoeid. Dit keer draaide het om logisch denken, abstract inzicht. Figuren ondergingen verschillende functies waardoor ze van vorm, kleur en draaiing veranderden. Het was aan mij om die functies te achterhalen en vervolgens toe te passen op een ander figuur, en te voorspellen hoe deze er uiteindelijk uit zou komen te zien. Van alle testen vond ik deze het leukst om te doen. Ik voelde me betrokken, en had zin om te achterhalen wat inderdaad het antwoord was. Het deed beroep op een uitgerust gedeelte van mijn hersenen (zo voelde het), en ook nog eens een deel wat ik graag gebruik, plezier in heb, mij uitdaagt/nieuwsgierig maakt. Ik vergat bijna dat het een test was.

In totaal ben ik 3 uur bezig geweest. De rest van de dag heb ik in het park liggen dommelen, in de schaduw van een boom mijn hoofd zo min mogelijk gebruikt. Naar de herten, de vogels, de bomen en spelende kinderen gekeken.

Genoten van het onzichtbare bijna geruisloze briesje.

Darluz
Met citaat reageren